Prikbord

Waar zijn de andere projectgroepen mee bezig? Wat gebeurt er nog meer binnen de mProve-ziekenhuizen?


Petra Derkx, projectleider VIPP Koplopersproject


‘Hoe helpen we patiënten om zelf hun gegevens in te zien in het portaal?’

‘Binnen mProve hebben we het VIPP koplopersproject om van elkaar te leren en zo te voorkomen dat ieder mProve-ziekenhuis opnieuw het wiel uitvindt’, vertelt Projectleider Petra Derkx. VIPP staat voor het Versnellingsprogramma informatie-uitwisseling patiënt en professional.

‘Dit doen we door op allerlei manieren informatie en kennis met elkaar te delen. Denk aan het delen van documenten, artikelen, vlogs, blogs en korte filmpjes. We delen niet alleen de succesverhalen, maar ook de ‘briljante mislukkingen’. Die dingen die anders zijn gelopen dan vooraf bedacht en waar anderen juist van kunnen leren. Wat voorbeelden van vraagstukken waarover we kennis delen zijn:


- Hoe helpen we patiënten om zelf hun gegevens in te zien in het portaal?

- Wat komt er allemaal kijken bij het inzetten van digitale vragenlijsten. Hoe ervaren de artsen dit, wat vinden patiënten van de vragenlijsten? Maar ook wat is er allemaal nodig op het gebied van functioneel beheer?

- Hoe richt je digitale machtigingen zo in dat het voor patiënt en zorgprofessional prettig is?

- Hoe doorloop je de audits van het VIPP traject? Wat zijn de ervaringen en leerpunten van andere ziekenhuizen die al modules hebben afgerond?

Simone Croezen, coördinator Wetenschapsbureau Rijnstate, contactpersoon werkgroep Wetenschap, die bestaat uit de wetenschapscoördinatoren van de vijf mProve-ziekenhuizen

‘Een kijkje nemen in elkaars keuken’

De werkgroep Wetenschap houdt zich niet bezig met één bepaald project. Simone: ‘We richten ons vooral op het uitwisselen van praktische zaken en het leren van elkaars ervaringen. Ja, we mailen en bellen onderling regelmatig.’

‘Elk mProve-ziekenhuis heeft een eigen Wetenschapsbureau om wetenschappelijk onderzoek te faciliteren. Het is dus interessant om te kijken hoe de ander dingen doet en processen regelt. Bijvoorbeeld ten aanzien van de voorbereiding op de invoering van de ECTR (European Clinical Trial Regulation) in 2020. We wisselen ervaringen uit over onze procedures rondom de lokale haalbaarheid van wetenschappelijke studies, en vergelijken de inrichting van onze Wetenschapsbureaus: welke taken horen bij een Wetenschapsbureau? Welke functies zijn nodig? Hoe is de financiering van het bureau? Welke diensten zouden we gezamenlijk kunnen uitvoeren?’

Auditbeleid

Alle vijf mProve-ziekenhuizen zijn op dit moment bezig met het nadenken over een auditbeleid voor wetenschap. ‘We kijken of we deels tot een gezamenlijk auditbeleid kunnen komen’, vertelt Simone. ‘Daarbij zouden we ook als medewerkers van de verschillende Wetenschapsbureaus om de beurt deel kunnen uitmaken van elkaars auditteam. Die mogelijkheid bespreken we nu, omdat je dan echt een kijkje in elkaars keuken neemt.’


Isala start met Connected Care Center

Isala heeft sinds begin 2019 een Connected Care Center (CCC). Dit jonge onderdeel van het ziekenhuis is er om de ontwikkeling en groei te stimuleren van ziekenhuiszorg, waarbij de patiënt niet naar het ziekenhuis komt, maar thuis in zijn vertrouwde omgeving
kan blijven. 'De ervaringen die we in het CCC opdoen, delen we met de innovatiemanagers van de andere mProve-ziekenhuizen binnen de werkgroep Innovatie.'

Isala wil meer patiënten van allerlei specialismen de mogelijkheid bieden om gebruik te maken van connected care. Het CCC adviseert iedereen die dit type zorg wil ontwikkelen. Ook coördineert het CCC de groei van het aanbod connected care dat Isala biedt voor de patiënt.


Aan het roer van het CCC staat programmadirecteur Jan Gerard Maring. De eerste belangrijkste uitdaging voor het CCC is het opschalen, dat wil zeggen meer patiënten gebruik laten maken van al goedgekeurde en ingevoerde connected care. In Isala worden al verschillende patiënten, onder andere met COPD, hartfalen en de ziekte van Crohn met behulp van connected care behandeld. Jan Gerard: 'We kijken wat daarvoor nodig is en welke hobbels er zijn die we weg kunnen nemen. Daarnaast willen we ondersteunend en coördinerend werken bij kansrijke nieuwe initiatieven die vaak nog aan het begin staan van hun ontwikkeling. Op deze beide sporen moet het CCC zijn toegevoegde waarde voor Isala en voor de patiënt van Isala gaan bewijzen. En voor mProve. De ervaringen en bevindingen die we in het CCC opdoen, delen we met de innovatiemanagers van de andere mProve ziekenhuizen die in de werkgroep Innovatie zijn verenigd.'


Meer informatie is te vinden op de pagina Innovatie & Connected care op isala.nl.

Gerard Gerritsen, manager kwaliteitsbureau Rijnstate

‘Het allermooiste resultaat is het onderlinge vertrouwen en de openheid waarmee uitwisseling plaatsvindt’

Elke dag werken wij er in onze ziekenhuizen hard aan om elke patiënt goede zorg te bieden. Helaas komt het ook binnen de mProve-ziekenhuizen voor dat er iets niet goed gaat. Met soms grote gevolgen voor de patiënt. ‘De werkgroep Calamiteiten heeft als doel om de vijf mProve-ziekenhuizen te laten leren van elkaars ervaringen rond het omgaan met deze calamiteiten’, vertelt Gerard Gerritsen, manager Kwaliteitsbureau, Rijnstat
e.

‘Elke drie maanden komen we als werkgroep, bestaande uit zorg- en ondersteunende professionals, bij elkaar om de werkwijze rondom het melden, analyseren, rapporteren en leren van calamiteiten met elkaar te delen.

Mooie resultat
en

‘We hebben als werkgroep al een aantal mooie resultaten behaald. Zo hebben we in de jaarverslagen van de verschillende mProve-ziekenhuizen een aantal parameters uniform gemaakt, zoals het aantal VIM meldingen in dat jaar, het aantal calamiteiten bij de IGJ gemeld, de belangrijkste oorzaken en verbeterpunten, de belangrijkste resultaten, de wijze waarop patiënten bij de meldingen zijn betrokken en hoe betrokken medewerkers worden begeleid bij de emotionele aspecten van een calamiteit. Natuurlijk is het vermelden alleen niet genoeg. Ook de bijbehorende aanpassingen in de werkwijze zijn al doorgevoerd, bijvoorbeeld het informeren van patiënten, het begeleiden van de betrokken professionals bij de verwerking en de voorselectie van mogelijke calamiteiten en het gebruik maken van elkaars expertise bij het beoordelen van een calamiteit.

Zeker weten dat een collega-arts de bevindingen hoo
rt
‘Daarnaast deelden we rond het onderwerp kritieke nevenbevindingen een calamiteitenrapportage en protocollen over elkaars werkwijze met elkaar. Dit gaat over wat de juiste werkwijze is als bijvoorbeeld een radioloog een verwijzing krijgt voor de beoordeling van een foto van de longen, en hij ziet een levensbedreigende tumor in de bovenbuik. Dan is het natuurlijk heel belangrijk dat de radioloog de verwijzer hier apart en expliciet over informeert, zodat hij zeker weet dat de verwijzer de informatie ook heeft gezien. Dat geldt ook als de verwijzer niet de hoofdbehandelaar is of buiten het ziekenhuis werkt. Door te leren van elkaars ervaring op dit gebied kunnen we dit soort fouten in de toekomst helpen voorkomen.’

‘Maar misschien wel het allermooiste resultaat vind ik het onderlinge vertrouwen en de openheid waarmee uitwisseling plaatsvindt. Een groot compliment voor alle leden van de werkgroep.’

Bron: presentatie prof dr. Wouter van Solinge,
Ambassador eHealth & Big Data UMC Utrecht

Hugo Roomans, informatiemanager Rijnstate en projectleider Data Analytics

Door de juiste inzet van data analytics kun je de behandeling beter afstemmen op de specifieke patiënt’

‘De eerste helft van 2018 hebben we gewerkt aan de ontwikkeling van een ‘voorspelmodel heropnames’. Dit deden we me met behulp van regressie-analyse op basis van bekende numerieke indicatoren uit de literatuur. Helaas bleek het domein van data analytics binnen mProve nog onvoldoende effectief georganiseerd, waardoor het niet mogelijk was data uit alle mProve-ziekenhuizen te verkrijgen. Ook was de kwaliteit van de beschikbare data matig met vele ‘missing values’.’

‘Deze combinatie van een generiek voorspelmodel en beperkingen in data-volume en data-kwaliteit, zorgde voor een model met onvoldoende voorspellend vermogen. Als werkgroep hebben we toen het advies gegeven om per ziekenhuis aan de slag te gaan met de verdere positionering van data analytics binnen de organisatie met voldoende kennis en kunde. Tegelijkertijd willen we blijven werken aan het samen met de zorgprofessionals toepassen van data analytics binnen mProve.’

Themasessie
‘Half februari is er een themasessie over het onderwerp data analytics gehouden, met een tweetal externe deskundigen. Op basis hiervan maken we nu een plan hoe we data analytics handen en voeten kunnen geven in mProve-verband. We willen hier echt op doorpakken omdat door de juiste inzet van data analytics in de zorg onze professionals de behandeling beter kunnen afstemmen op de specifieke patiënt.’

Samen laten we mProve groeien

Heb je zelf een goed idee voor een project, of wil je weten hoe bepaalde onderwerpen in de andere huizen vormgegeven worden en zoek je daarvoor collega’s uit de andere huizen? Trek bij Hanneke of Heleen aan de bel.

Hanneke van der Haar, programmamanager mProve

Heleen van der Padt, managementassistent mProve

info@mprove.nu