mProve-ziekenhuizen willen samen zorgen voor minder risico’s rond anti-stolling

Samen zorgen voor minder risico’s rond antistolling

In heel Nederland vinden er nog teveel vermijdbare complicaties als gevolg van antistollingsmedicatie plaats. Reden voor de werkgroep Antistolling om in 2018 binnen de mProve-ziekenhuizen een gezamenlijke meetweek te organiseren. Afgelopen juni vond de tweede meetweek plaats. Een interview met Marcel Hovens, internist-vasculair geneeskundige in Rijnstate.

‘Dit is een mProve-samenwerking in optima forma’
Marcel Hovens, internist-vasculair geneeskundige

'We doen het eigenlijk heel prima, maar dat is nog niet goed genoeg om vermijdbare complicaties te voorkomen'

'Afgelopen juni hebben we binnen alle vijf mProve-ziekenhuizen een weeklang bijgehouden hoe goed we het als ziekenhuis deden in het voorkomen van trombose en hoe werd omgegaan met patiënten die antistollingsmedicatie gebruikten en bijvoorbeeld een operatie moesten ondergaan. Dit werd gedaan op verschillende plekken in het ziekenhuisen via dossieronderzoek. Deze tweede meetweek laat zien dat we ondanks extra inzet op verbetering rond het antistollingsbeleid niet hoger komen dan het niveau ‘best goed’, wat ook het resultaat was van de eerste meetweek’, vertelt Marcel Hovens, internist-vasculair geneeskundige in Rijnstate.

Prima, maar niet goed genoeg

In 87% van de gevallen schatten we goed in of een patiënt wel of niet een risico heeft op een trombosebeen of longembolie door het ziekenhuisverblijf en ondernemen we de juiste actie. Dus heeft een patiënt met extra risico op trombose ook preventieve medicatie gekregen? En andersom: heeft een patiënt die geen risico loopt op trombose ook geen antistollingsmedicatie gekregen? In 87% van de gevallen gaat dit dus goed. Dat is op papier best aardig en ook een prima resultaat in vergelijking met cijfers elders in Nederland, maar is het ook goed genoeg om vermijdbare risico’s rond antistolling te voorkomen? Om dit uit te zoeken, hebben we dit jaar een extra indicator aan de meetweek toegevoegd. Hiermee wilden we uitzoeken of we daadwerkelijk vermijdbare complicaties door de nog niet optimale trombosebescherming zien. De uitkomst hiervan laat zien dat dit helaas het geval is. We zien jaarlijks nog vermijdbare complicaties rond antistolling, ondanks dat we het best goed doen. We moeten dus echt toe naar een hogere score.’

‘Antistolling is nu nog een taak van iedereen en dus van niemand’

Eén team, één beleid

Gelukkig geeft de meetweek ook handvatten om toe te werken naar verbetering. ‘Absoluut’, aldus Marcel. ‘Kijk je bijvoorbeeld naar de scores rond de antistollingszorg voor patiënten met een epiduraal katheter, dan zijn die bij alle ziekenhuizen 100%. Oftewel daar doen we het allemaal wél helemaal goed. Dit komt omdat een dedicated team, vaak vanuit de Acute pijn service, de verantwoording draagt voor de antistollingszorg bij deze patiënten. Zij doen dit met een vast team dat gespecialiseerd is in de ingreep én met een eenduidig beleid. Wij, als werkgroep Antistolling, vinden dat we die kant ook op moeten met de rest van de antistollingszorg.’

‘Op dit moment is antistolling nog een taak van iedereen, en dus van niemand. Maar als het aan de werkgroep Antistolling ligt, verandert dit. De antistollingszorg is de afgelopen decennia erg complex geworden. Vroeger had je twee smaken antistollingsmedicijnen: een aspirientje of een tabletje van de trombosedienst. Tegenwoordig heb je veel verschillende soorten antistollingsmedicatie en zijn de behandelingen en combinaties van medicatie complexer geworden. Dit vraagt om gespecialiseerde kennis, die niet elke arts acuut bij de hand heeft.’

Prachtige resultaten in Isala

‘We moeten dus toe naar een gespecialiseerd stollingsteam in elk ziekenhuis dat bijvoorbeeld alle operatieve patiënten screent en de juiste antistollingszorg verleent. Dat dit werkt, onderstrepen ook de resultaten van de meetweek in Isala’, vertelt Marcel. ‘Daar doen ze het hartstikke goed; 96% van de patiënten met antistollingsmedicatie en een ingreep krijgt daar de juiste adviezen over hun antistollingsmedicijnen. Prachtige resultaten die het gevolg zijn van de professionaliseringsslag die ze in Isala al hebben gemaakt. Zij werken met een professioneel stollingsteam met onder andere PA’s en een eigen trombosedienst in huis. Daar kunnen we in de andere mProve-ziekenhuizen dus van leren. Dat maakt dat de meetweek ook een mProve-samenwerking in optima forma is, waar ik heel trots op ben. Het gezamenlijk meten van deze cijfers is uniek in Nederland. Dat we dit met elkaar kunnen oppakken, vind ik echt de meerwaarde van mProve.’


Naast een professioneel stollingsteam in elk ziekenhuis, pleit de werkgroep Antistolling ook voor ondersteuning van de antistolling in HIX of andere eHealth en voor mProve-brede scholing over antistolling. Het advies van de werkgroep ligt nu bij de Raden van bestuur van de mProve-ziekenhuizen

Hoe kunnen we de concurrentiepositie van de mProve ziekenhuizen in het
industrie-gesponsorde geneesmiddelenonderzoek versterken?